Een huis bouwen in België is een van de grootste projecten die een mens aangaat. En het vreemde eraan: het meeste werk om alles samen te houden komt net terecht bij wie het nog nooit eerder gedaan heeft.
De architect heeft het al vaak gedaan. De aannemer heeft het al vaak gedaan. Van de bouwheer wordt verwacht dat hij ze allebei bijbeent. Met daarnaast een job, een leven, en geen enkele voorbereiding op wat er op hem afkomt.
Mijn eerste huis, in Vlaams-Brabant, was een nieuwbouw, afgewerkt tot E-peil 1. Het grootste deel deden we zelf, naast mijn carrière. Mijn achtergrond had moeten helpen: twaalf jaar in software, product en rollen waar coördinatie centraal stond. Mijn werk kwam er telkens op neer de juiste informatie op het juiste moment zichtbaar te maken, zodat er op inhoud beslist werd en niet op wie het luidst riep. Telecom, bankwezen, e-commerce, enterprise content. Andere sectoren, telkens hetzelfde soort probleem.
Die achtergrond hielp me snel bij te leren. Maar ze behoedde me niet voor wat dat leren kostte.
Er was de vakantie die uitdraaide op een keuze: het werk meesleuren of het project laten stilvallen. Er was de week dat ik ziek lag en de inbox zich stilletjes opstapelde. Er was het bonnetje dat nooit de weg vond van mijn telefoon naar waar het hoorde, omdat de werkmannen de materialen meteen nodig hadden. Er was de avond dat mijn partner vroeg hoe het met het budget stond, en ik geen helder antwoord had.
Tegen het einde van de eerste bouw stond het huis er en waren we trots. Maar we hadden de lessen ook betaald, in de munt die het meeste kost.
Een paar jaar later begon ik aan de tweede. Opnieuw in Vlaams-Brabant, deze keer een renovatie, afgewerkt tot E-peil -6.
Deze keer ging ik erin met wat de eerste bouw me geleerd had. Van bij het begin pakte ik mijn kant van het project aan zoals ik dat op het werk met coördinatie deed: gestructureerd, voorbereid, met overzicht, elke beslissing bijgehouden. De informatie laten stromen tussen architect, aannemer en onszelf (de laatste plannen, de laatste beslissingen, de laatste afspraken) bleef werk. De architect doet daar veel van, maar de bouwheer moet zelf het overzicht bewaren over wat hij besliste en hoe het ervoor staat. Het werk bleef het mijne, maar ik had nu een systeem dat me droeg. En dát maakte het verschil: ik kon ademhalen terwijl ik bezig was.
Mijn architect zei achteraf dat onze renovatie een van de vlotste projecten was die ze ooit had begeleid, net omdat de bouwheer zelf aan het stuur zat. Het werken met de aannemers leverde niet het soort verhalen op waar de sector vol van zit. De discipline zorgde ervoor dat problemen op tijd opdoken, toen er nog ruimte was om ze recht te zetten, en niet pas achteraf. En ik kwam aan het einde van de bouw zonder helemaal leeg te zijn, anders dan de eerste keer.
Wat ik gaandeweg begreep: het verschil was niet ik.
Het was dat de kant van de bouwheer, voor één keer, even gedisciplineerd werd aangepakt als die van de architect en de aannemer. Alle drie de hoeken droegen hun gewicht. De meeste bouwprojecten zijn niet moeilijker dan nodig omdat bouwheren er slecht in zijn. Ze zijn moeilijker omdat de kant van de bouwheer structureel te weinig ondersteund is. En het werk dat dat zou rechttrekken, is te veel gevraagd van iemand die alles nog aan het leren is, op het duurste project van zijn leven.
Dus begon ik iets te bouwen. Ik goot de manier van werken van mijn tweede bouw in software, voor een probleem dat ik twee keer aan den lijve had ondervonden. Vrienden, en vrienden van vrienden, vonden al hun weg naar mij met dezelfde vragen. Het patroon was duidelijk niet alleen het mijne.
Hemma is gemaakt voor mensen die er voor het eerst aan beginnen, om de administratie te dragen met dezelfde discipline die de rest van de driehoek vanzelfsprekend vindt. Het vangt op wat in je inbox belandt, koppelt het aan je budget, houdt je beslissingen bij, en laat alleen naar boven komen wat echt jou nodig heeft.
Stilletjes, op de achtergrond.
Zodat de tijd en energie die je anders kwijt bent aan het najagen van informatie, naar wat echt telt kunnen gaan: beslissen over het huis dat je bouwt. Met een helder hoofd, niet tegen de klok omdat de druk je heeft ingehaald.
Jij blijft degene die de beslissingen neemt. Hemma geeft je de ruimte om ze goed te nemen.
